
Tekst en beeld: Stefan Maas
Eilanden met vulkanen, kratermeren, uitzichten over zee en geheimzinige, donkere bossen. Ergens ver weg, midden op de Atlantische Oceaan, liggen de Azoren op je te wachten.
Wat weet ik eigenlijk van de Azoren, die negen stippen in de Atlantische Oceaan, ongeveer 1500 km verwijderd van het Europese vasteland? Niet veel. Vijftienhonderd kilometer, da’s een eind. De eilanden komen soms in beeld als het weerbericht meldt dat er boven de Azoren zich een groot hoge- of lagedrukgebied vormt. Ergens weet ik wel dat ze onderdeel zijn van Portugal, maar verder? En juist die onbekendheid en de afgelegen locatie geven de Azoren een sterke aantrekkingskracht. Hoe is het om daar over die vulkanische eilanden te lopen, midden in die woeste oceaan, waar de wereld in de ogen van de middeleeuwers allang was opgehouden?
Eenmaal in Piscinas Naturais Biscoitos op het eiland Terceira, ofwel de “Natuurlijke zwembaden van Biscoitos”, ervaar ik hoe dat voelt. Enorme golven komen aanrollen en smijten zich met spetterend geweld tegen scherpe, zwartgekleurde rotsen – lava die in de meest vreemde vormen is gestold. Het vuur verloor het hier van het water, dat is duidelijk. Maar het vechten is niet over; de zee blijft doorbeuken tot er niets meer over is. Het resultaat van deze oeraardse battle is een adembenemend spektakel. Je kunt er gedachtenloos naar staren, terwijl het gedonder van de golven in je oren dreunt en een mist van kleine, zoutige waterdruppeltjes het land intrekt.

Het is een decor waarvan we ons moeten losrukken. Je kunt hier uren filmen met je phone, en dat doen sommigen ook, alsof ze bang zijn iets te missen van een voorstelling die nog wel miljoenen jaren gaat duren. Maar het eiland heeft nog meer te bieden. Er brandt er een vuurtje onder Terceira dat nog lang niet is uitgedoofd. De stratovulkaan Santa Bárbara, 1021 meter hoog, kijkt vanuit de verte op ons neer. Hij is actief en genereert kleine aardbevingen, maar slaapt tegelijkertijd ook, al is dat een merkwaardige tegenstelling.
In Furnas do Enxofre, ofwel vrij vertaald “Holtes waaruit zwavelrijke gassen ontsnappen”, maken we kennis met dat vuurtje onder het eiland. Een mooi wandelpad kronkelt er door een hei-achtig landschap. Overal om je heen zie je rookpluimen uit de aarde komen, die in de wind verwaaien. Een paar vogeltjes vliegen er rond tussen de struiken, volgen ons zelfs alsof ze benieuwd naar het wandelgezelschap. Verder is het stil. De gedachte om het veilige pad te verlaten en naar de holtes te lopen, komt niet bij me op. De houten balustrades langs het pad vormen een duidelijke waarschuwing.

In Angra do Heroísmo, ofwel “De baai van het heldendom”, straalt een warm zonnetje op ons neer, ondanks dat het al medio november is. De stad aan de baai is een toeristisch pareltje op Terceira. We slenteren langs bontgekleurde huizen, bewonderen een imposant fort met kannonnen die de baai beschermen, passeren de haven en genieten van een prachtig stadspark vol exotische planten en bomen. ‘s Ochtends vroeg, in het zachte schemerlicht en met fabuleuze uitzichten over zee, beklimmen we Monte Brasil, het bergje boven het fort. Hier lopen reeën en verwilderde maar goed gevoede katten rond, terwijl papegaaien in kooien ons na enig aandringen begroeten met een eenvoudig “Olá”.

Ontdekkingsreiziger Vasco da Gama loopt in Angra nog steeds rond bij de haven, hij zette hier voet aan wal tijdens de terugkeer van zijn eerste reis naar India. Maar het levensgrote standbeeld van de Portugees staat vooral symbool voor de historische betekenis van de havenstad, die vroeger een belangrijke tussenstop was voor de handel met Afrika, Amerika en India.
Wie zich verdiept in de geschiedenis van Angra, ontdekt een stad vol opmerkelijke verhalen. Gelegen ver van het Portugese vasteland, diende Angra twee keer als tijdelijke hoofdstad van Portugal. Van 1580 tot 1583 leidde prior António hier een regering in ballingschap, terwijl Spanje aanspraak maakte op de Portugese troon. Later, tijdens de Liberal Wars (1830–1833), werd Angra opnieuw het hart van het liberale Portugal, een centrum van verzet. Het was deze onverzettelijke rol die de stad de trotse eretitel “do Heroísmo” opleverde, een blijvende herinnering aan haar moedige verleden.
Het is al donker; onder ons strekt zich een inktzwarte zee uit, nergens een lichtje te zien. Voor de Açorianen is vliegen iets alledaags, vergelijkbaar met het nemen van de bus in Nederland. Een uitwedstrijd spelen met de voetbalclub, uitgebreid gaan shoppen, een studie volgen… vaak begint zo’n reis gewoon op de lokale luchthaven. Wij hoppen van Terceira naar de volgende stip in de oceaan: São Miguel. Maar zo klein is die stip niet: het eiland is ongeveer 64 km lang en telt 140.000 inwoners. Een vergeten bounty-eiland is het allerminst; jaarlijks bezoeken bijna 500.000 buitenlandse toeristen São Miguel, voornamelijk uit de Verenigde Staten, Spanje en Duitsland.

Eenmaal buiten de hoofdstad Ponta Delgada ontvouwt São Miguel zich: blauwe kratermeren, dichte, mysterieuze bossen en golvende weilanden die doen denken aan een teletubbies-landschap. Over die weiden zwerven de bekende Hollandse zwartbonte koeien rond, al zijn ze hier slanker dan hun Nederlandse soortgenoten. Tot mijn verrassing duiken er ook theeplantages op. Het milde, vochtige klimaat en de rijke vulkanische bodem maken het eiland perfect voor thee. Op de Gorreana-theeplantage bij São Brás lopen we tussen de groene rijen struiken, ruiken de dampende theeblaadjes en proeven verschillende soorten, terwijl we alles leren over het eeuwenoude productieproces.

Niet ver daarvandaan, langs de noordkust, parkeren we de wagen en lopen steil naar beneden via een doodlopend asfaltweggetje. Het is het begin van de Moinho do Félix-trail, slechts ongeveer 5 km lang, maar wel voorzien van maar liefst vier watervallen. Zo gauw we het open stuk langs de kust voorbij zijn, duiken we de beschutting in van de bossen. De wind valt direct weg, we lopen langs een muur van groen over boomwortelpaadjes. Veel wandelaars zijn er niet. De watervallen zijn verstilde plekjes, waar je ‘s zomers een verfrissende douche kunt nemen. Maar dat is nu geen goed plan. Vanwege hevige regenval in de afgelopen dagen heeft het water een bruinige kleur gekregen en ruikt het niet meer fris… De natuurlijke douche bewaren we voor een andere keer.

Net als op Terceira en de andere eilanden is er ook op São Miguel volop vulkanische activiteit, en de volgende stop is een echte must-see voor elke bezoeker. Waar we op Terceira vooral stoom en gassen uit de aarde zagen opstijgen, pruttelen bij Fumarolas Lagoa das Furnas – letterlijk “Stoom- of gasopeningen bij het Furnas-meer” – dampende soepjes van bruine modder. Even verderop ligt het diner van enkele lokale restaurants in de hete grond te garen. Wat een geniaal idee! Een man met een schop houdt alles in de gaten, een soort chef-kok die nooit aan de knoppen van een fornuis hoeft te draaien, want Moeder Aarde zorgt dag en nacht voor warmte.
De geothermische warmte zorgde ook voor een speciaal gerecht in de Furnas-vallei: Cozido das Furnas. Het is een traditionele Portugese stoofpot die langzaam wordt gegaard in de hete vulkanische grond. Grote metalen potten met vlees, vis, worst, groenten en aardappelen worden in geothermische stoom- en zwavelbronnen begraven, waar het voedsel urenlang zachtjes kookt.

Is het Furnas-kratermeer bekend om zijn thermische en culinaire soepjes, twee andere kratermeren zijn populair vanwege de majestueuze uitzichten. Vanaf de Pico da Barrosa kijken we neer op het Lagoa do Fogo en de Miradouro da Vista do Rei is een mooie plek om een overzicht te krijgen van Lagoa Verde en Lagoa Azul in de Caldeira das Sete Cidades, een ingestorte vulkaankrater. We hebben mazzel: de zon schijnt, het blijft droog en het uitzicht is als het ware gemaakt voor iconische Instagram posts. Als toegift zien we ‘s avonds nog de zon in de oceaan zakken; mooier kan de natuur het niet maken.
Weet ik na deze trip meer over de Azoren? Ja, maar ik weet nog niet genoeg. Ik hoor dat elk eiland zijn eigen karakter heeft, en zijn eigen dialect. We hebben twee eilanden van de Azoren gezien, en nog zeven te gaan.

Al denk je bij de Azoren misschien niet meteen aan canyoning, er zijn op São Miguel wel degelijk goede mogelijkheden om deze sport te beoefenen. Wij gingen canyoningen bij Ribeira dos Caldeirões: de meest populaire locatie voor deze sport in het noordoosten van het eiland, met weelderige vegetatie, rivieren en watervallen die geschikt zijn voor begeleide canyoning‑tours.

Parque Terra Nostra is een wereldberoemd botanisch park en thermale tuin in de Furnas-vallei op São Miguel. Het park ontstond aan het eind van de 18e eeuw en werd later uitgebreid tot een oppervlakte van circa 12,5 hectare met planten en bomen uit de hele wereld. Terra Nostra is aangelegd in romantische stijl met wandelpaden, vijvers en thematuinen, en herbergt een uitgebreide botanische collectie, waaronder camelia’s, varens en exotische bomen. Een van de hoogtepunten is de geothermische thermale pool, met warm, ijzerrijk water uit de vulkanische bronnen, waar bezoekers kunnen ontspannen te midden van het weelderige park.
Parqueterranostra.com

Bezoek je Angra do Heroísmo op Terceira, ga dan zeker even langs bij O Forno Pastelaria in het centrum van de stad. De winkel maakt traditionele Azorische zoetwaren en banket. Een van de specialiteiten van O Forno zijn de “Donas Amélias”, een typisch cake- of koekjesachtig gebakje dat diepe wortels heeft in de culinaire geschiedenis van Terceira. Deze lekkernijen werden rond 1901 gecreëerd naar aanleiding van een officiële bezoek van koning D. Carlos en koningin D. Amélia van Portugal aan de Azoren. Als eerbetoon aan de koningin kreeg het gebak de naam Dona Amélia en werd het aangeboden als streekgebak.
Facebook O Forno

Materramenta Vineyards & Wine Tasting
In Biscoitos op Terceira kun je bij Materramenta kennismaken met de traditionele Azorische wijncultuur en uiteraard de wijnen zelf. Opvallend: omdat het eigenlijk te fris op de Azoren voor wijnbouw is, staan de wijnstokken niet keurig in een veld op een rijtje achter elkaar, maar in putten, die omgeven worden door muurtjes van vulkanische basaltstenen.
Materramenta.com
Info:
Ernaartoe
Via TAP Air Portugal kun je naar de Azoren vliegen, met een korte overstap in Lissabon. De vluchttijd is circa 6 uur vanuit Nederland/Vlaanderen.
Flytap.com
Beste reistijd
Lente, zomer en herfst zijn goede periodes om de Azoren te bezoeken. In de winter is het wat koeler en natter. Het wordt er vrijwel nooit echt koud of heet, de temperaturen schommelen doorgaans tussen de 12 en 25 graden.
Klimaat
De Azoren hebben een vochtig zeeklimaat. Zon, regen, wind en opnieuw zon: je kunt het allemaal in één dag meemaken. De Atlantische winden beïnvloeden het weer voortdurend.
Azoren algemeen
Kijk op de site van Visit Azores.



















