Fietsroute Stelling van Utrecht

TEKST EN FOTO'S STEFAN MAAS

Vaak liggen ze verstopt in het groen: de forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Rond Utrecht zijn er maar liefst zestien te vinden, in twee halve cirkels. De fietstocht Stelling van Utrecht rijgt negen van die fortificaties aaneen, met als hoogtepunt het Waterliniemuseum in Fort bij Vechten. Start en finish zijn bij Jaarbeurs/Centraal Station.

Fort aan de Klop

Na het vertrek bij Utrecht CS/Jaarbeurs leidt de route al snel langs de Vecht. Net vóór je Utrecht uitrijdt, stuit je op Fort aan de Klop. Aan de Klop is ingehaald door de stad, maar heeft toch zijn eigen sfeer behouden. Rondom heeft zich bij toeval een natuurgebied ontwikkeld. Veel zangvogels leven in deze groene oase, evenals ijsvogels en een uil. Op de wallen van het fort grazen geiten en stappen reuzenkippen rond, al laten die zich vandaag niet zien. ‘Aan de Klop’ is in de 21e eeuw zeker geen dode plek. Er is een brasserie met terras, waar je in een 19e-eeuwse Waterliniesetting iets kunt drinken, ja, zelfs slapen kan hier op een kleine camping. De oude artillerieloodsen fungeren nu als locatie voor vergaderingen, feesten en partijen. De Klop had binnen de Stelling een belangrijke functie: met water uit de Vecht kon – via het inundatiekanaal de Klopvaart – de gebieden ten noorden van Utrecht onder water worden gezet, zodat het vijandelijke leger vastliep in het water en modder.

Fort de Gagel

De tocht gaat verder langs de Klopvaart, door Overvecht-Noord. Een groene zone die doorloopt tot aan de ringweg. Aan het eind van het pad staat Fort de Gagel al aangegeven. Al is het niet gemarkeerd in het alwetende Google Maps, je kunt het niet missen. Het fort beschikt over een bomvrij wachthuis en een bomvrije kazerne. Dat slaapt toch een stuk beter in tijd van oorlog. Buiten het forteiland staan nog de originele fortwachterswoning en een houten artillerieloods. De Gagel ziet er besloten, in zichzelf gekeerd uit. De gebouwen zijn niet toegankelijk, maar dat gaat veranderen. Over enkele jaren moet dit de poort zijn naar het Noorderpark, met een infocentrum, fiets- en kanoverhuur en horecagelegenheid.

Noorderpark

Na het fort lopen tal van fiets- en wandelpaden het groen in. Het Noorderpark is veel groter dan je van een ‘stadspark’ zou verwachten. Het is meer een buitengebied, met bossen, meertjes, weilanden en open stukken. Witgekleurde koeien liggen er ‘s zomers te herkauwen, honden laten er hun baasjes uit. Fiets je verder door naar het noorden, dan beland je in de veenweilanden rond Westbroek. Tussen al het groen zie je bunkers staan op de vroegere verdedigingslijn. Bouwsels die gedurende de jaren niets aan schoonheid winnen en zelfs niet overwoekerd raken. Aan de andere kant horen ze nu eenmaal bij de historische Nieuwe Hollandse Waterlinie, die opgaat voor de status van Unesco Werelderfgoed.

Fort Ruigenhoek

De onzichtbare frontlijn leidt naar Fort Ruigenhoek, een flinke fortificatie met een al even flinke gracht eromheen. Ik hoor kinderstemmen. Nee, ik krijg geen waanvoorstellingen, een deel van de gracht is in gebruik als kinderzwembad. Geen bad met chloor en beton, maar puur-natuur-zwemmen tussen de meerkoetjes. Ook huisvest het fort de kunstmanifestatie ‘Kaap’ voor kinderen en zijn er workshops en rondleidingen. Toch is die invulling natuurlijk wat mager voor zo’n groot fort. Eigenaar Staatsbosbeheer bezint zich in overleg met andere partijen nog op de verdere invulling.

Fort en dorpje Blauwkapel

Aan de rand van de stad, vlak bij het spoor en de snelweg naar Hilversum, stuit je op Fort Blauwkapel. Tot dusver kende ik het fort vooral van de kasseiweg die er dwars doorheen loopt, een stukje Paris-Roubaix in Utrecht. Nu zie ik dat Blauwkapel meer in huis heeft dan een gracht, wallen en een kasseiweg. Het is een dorpje inclusief kerkje waar een fort omheen is gebouwd! Natuurlijk dankt Blauwkapel zijn naam aan een kapel, waarvan het plafond en muren blauw zijn geschilderd. Voordorp heette het dorpje vroeger, maar die naam is inmiddels vergeven aan een nieuwe Utrechtse buurt, zodat Voordorp het nu moet doen met ‘Blauwkapel’. Verbazingwekkend genoeg heeft het fort pas in 1960 zijn militaire functie verloren. Bewoners, bedrijven en de scouting hebben sindsdien het bolwerk overgenomen. Ook is er een groot recreatieterrein waar je kunt zonnen of picknicken.

Fort Voordorp

Aan de oostzijde van Blauwkapel steek je de spoorlijn over en ga je onder de A27 door, recht naar Fort Voordorp. Of toch niet, vlak bij het fort staat een bordje verboden toegang. En om de verwarring iets groter te maken, is er even verderop een koffie-selfservicepunt. Dat betekent dus de wet overtreden voor een kop koffie. Voordorp is helemaal opgeknapt en vormt nu een markant decor voor feesten, partijen en evenementen. Het fort moest vroeger de sluizen en de spoorlijn naar Amersfoort beschermen.

Fort De Bilt

Terug gaat het naar de stad, door het recreatiegebied van de Voorveldse Polder. Waar is fort De Bilt? We kunnen het niet vinden. De camouflage is zo perfect dat we dit grote fort helemaal hebben gemist. Of toch, aan de drukke Biltsestraatweg vinden we een hek met een daarachter een bordje over het fort. Wegenbouwers hebben de Biltsestraatweg dwars door het fort aangelegd. In het groene noordelijk deel is nu een ‘herinneringscentrum voor de toekomst’. 140 mannen, veelal verzetsstrijders, werden hier in de Tweede Wereldoorlog door de Duitsers doodgeschoten. Je kunt in het fort wandelen tijdens kantooruren van maandag tot en met donderdag. Het zuidelijk deel is niet-toegankelijk marechaussee-gebied.

Fort Hoofddijk

Een kanonschot verder ligt Fort Hoofddijk, aan de rand van het grote onderwijsgebied met de Hogeschool Utrecht, Universitair Medisch Centrum Utrecht en andere instellingen. Het voormalige fort is hier veel meer dan een groene oase in een moderne ‘studiewijk’; de Universiteit Utrecht heeft er haar Botanische Tuinen in gevestigd. In het voorjaar en ‘s zomers is het er een mooi schouwspel van kleuren. Wie erin wil, moet wel een kaartje kopen à € 7,50, maar dan ‘heb je op botanisch gebied ook wat’.

Fort Rijnauwen

De onderwijszone maakt al snel plaats voor groen buitengebied. Of tenminste, je denkt dat het een buitengebied is, maar in werkelijkheid gaat het om het grootste fort van de Waterlinie: Fort bij Rijnauwen. De wallen langs de gracht zijn een mooie plek om even uit te rusten en te genieten van het uitzicht. Rijnauwen is jarenlang op slot geweest en daar heeft de natuur van geprofiteerd. Vossen, reeën, vleermuizen en dassen leven nu op de fortificaties, die alleen tijdens rondleidingen (1 april-1 oktober) toegankelijk zijn voor het publiek.

Poortgebouw Rhijnauwen

Het gebied tussen Fort Rijnauwen en Fort bij Vechten barst van de allure. Het statige huis Rhijnauwen, met een ‘h’ ertussen, ligt er op de oever van de Kromme Rijn, het theehuis Rhijnauwen is een mooie plek om even wat te drinken. Om het allemaal nog mooier te maken; een smal klinkerpad loopt dwars door het poortgebouw bij het kasteel heen. Het is een déjà vu-moment. Jaren geleden liep ik eronderdoor tijdens de Marathon van Utrecht, die toen ook dit adellijke gebied aandeed.

Waterliniemuseum Fort bij Vechten

Na het kasteel gaat het onder de A12 door naar Fort bij Vechten. Het is al eeuwenlang een strategische plek: vroeger stond hier het Romeinse castellum Fectio (Fort de Vecht). ‘Vechten’ is sinds 2015 het onderkomen voor het nieuwe Waterliniemuseum. Je komt er alles te weten over de Nieuwe Hollandse Waterlinie, het leven van de soldaten en de natuur. De Nieuwe Hollandse Waterlinie liep van de Zuiderzee tot aan de Biesbosch en omvatte 46 forten met inundatiegebieden, terreinen die opzettelijk onder water konden worden gezet. Natuurlijk, de inzet van vliegtuigen en luchtlandingseenheden maakten de linie overbodig. Maar het verbazingwekkende is dat vrijwel alle forten er nog staan en bij toeval uitgegroeid zijn tot speelse natuurgebiedjes in de gladgestreken graswoestijn van West-Nederland.

Zie ook:

Stelling van Utrecht
Bezoek Utrecht
Botanische Tuinen
Waterliniemuseum
Buitenplaats Rhijnauwen
Bezoek Utrecht